31 maart 1918 zondag Sint Niklaas

Paschen vandaag, geen nieuws.

zie ook Oorlogsdagboeken Rafael Waterschoot wereldoorlog 1914 1918
2. 4 . 6 en 7 april Geen nieuws
gedichtenblog terug online
tot en met 07-04-1918 geen nieuws overgeschreven uit NRC

19180331 – Turksche leger voorbij Hbit in Mesopotamië door de Engelschen verslagen . 5000 Gevangenen.
tot en met 01-04-1918 geen verordeningen
affiches uit de collectie KOKW

postkaart Ieper kathedraal en belfort

Advertenties

30 maart 1918 zaterdag. Sint Niklaas

Geen nieuws.

zie ook Oorlogsdagboeken Rafael Waterschoot wereldoorlog 1914 1918
24.03.1918 tot en met 30.03.1918 Geen nieuws
gedichtenblog terug online
tot en met 30.03-1918 geen nieuws overgeschreven uit NRC
tot en met 31-03-1918 geen verordeningen
affiches uit de collectie KOKW

Invoeren zomertijd

29 maart 1918 vrijdag. Sint Niklaas

Geen nieuws.

zie ook Oorlogsdagboeken Rafael Waterschoot wereldoorlog 1914 1918

24.03.1918 tot en met 30.03.1918 Geen nieuws
gedichtenblog terug online
nieuws overgeschreven uit NRC door Raphael

19180329 – Montdidier door de Duitser genomen. 
verordeningen
affiches uit de collectie KOKW

No. 31. – 30. maart 1918.
Verordening betreffende het gemeentebestuur der stad Gent.
§ 1. De burgemeester der stad Gent Braun en schepen De Weert worden afgezet.
§ 2. Het bestuur der stad Gent wordt, onder gedeeltelijke buiten werking stelling der gemeentewet, opgedragen aan een door den Generaal Gouverneur, in overleg met de Etappeninspektie van het We leger te benoemen burgemeester, met dien verstande echter, dat deze, zover hij (op de medewerking van de schepenen en van den gemeenteraad krachtens de wetten is aangewezen, zijn bevoegdheid uitoefent na die kolleges te hebben gehoord.
§ 3. Het Hoofd van het burgerlijk bestuur (Verwaltungschef) voor Vlaanderen wordt gemachtigd, naast de schepenen, schepenencommissarissen aan te stellen en, zo nodig, schepenen af te zetten.
§ 4. De wedde van den nieuwen burgemeester en de bezoldiging der schepenencommissarissen worden door het Hoofd van het burgerlijk bestuur vastgesteld en uit de middelen der stad Gent betaald
§ 5. Het Hoofd van het burgerlijk bestuur voor Vlaanderen wordt met de uitvoering van deze verordening belast
Tielt, den 18 maart 1918.
No. 31. – 30. maart 1918.
Beschikking. Ingevolge de verordening van 1918 maart 1918 C. wordt de 2e burgemeester der stad Posen Dr. Kûnzer hiermede tot burgemeestercommissaris der stad Gent benoemd. Gent, den 29n maart 1918.

 

zo staat het in het dagboek de gebeurtenissen Westfront overgeschreven door Raphael

27 maart 1918 woensdag. Sint Niklaas

Geen nieuws.

zie ook Oorlogsdagboeken Rafael Waterschoot wereldoorlog 1914 1918

24.03.1918 tot en met 30.03.1918 Geen nieuws
gedichtenblog terug online
tot en met 28.03-1918 geen nieuws overgeschreven uit NRC
tot en met 25-03-1918 geen verordeningen

No. 30. – 26. maart 1918.
Bekendmaking. De heer Generaal Gouverneur heeft tot leden van het bij verordening van 21 februari 1918 ingesteld College van Curatoren der Universiteit te Gent, aanvankelijk voor den duur van een jaar, benoemd : professor Dr. P. Hoffmann, thans rector der Universiteit, voorzitter, professor Dr. Mr. L. Dosfel, plaatsvervangend voorzitter, professor Dr. J. De Decker, professor Dr. J. Ohrie, professor Dr. J. Versluys, professor Dr. F. Stôher, professor Dr. B. Speleers, professor Dr. H. Schoenfeld, hoofdingenieur-professor E. P. Van den Berghe, professor Dr. E. Cïaeys, professor Dr. C. De Bruyker en, krachtens artikel 4 van dezelfde verordening, de uitoefening van het ambt van ,beheerder” der Universiteit te Gent voorlopig toevertrouwd aan Mr. B. J. Huyhreghts, buitengewoon professor in de Faculteit der Rechtsgeleerdheid bij de Universiteit.
Brussel, den 15 maart 1918.
No. 30. – 26. maart 1918.
Bekendmaking. De heer Generaal Gouverneur heeft aan de op 1 Maart 1918 voltrokken verkiezingen voor den Raad van Beheer der Universiteit te Gent zijn bevestiging verleend en den secretaris van dien Raad van Beheer berwemd. De Raad van Beheer der Universiteit is als volgt samengesteld : professer Dr. P. Hoffmann, rector, voorzitler, professor Dr. C. De Bruyker professer Dr. R. Speleers, professer Dr. D. De Vries Reilingh, professer Mr. L. Dosfel, plaatsvervangend voorzitter, hoofdingenieur professer E. P. Van den Berghe ; tot secretaris van den Raad van Beheer is benoemd professer Dr. J. B. Huyhreghts.
Brussel, den 15 maart 1918.
affiches uit de collectie KOKW

Ieper graf voor soldaten zonder gekende begraafplaats

26 maart 1918 dijnsdag . Sint Niklaas

Geen nieuws.

zie ook Oorlogsdagboeken Rafael Waterschoot wereldoorlog 1914 1918
24.03.1918 tot en met 30.03.1918 Geen nieuws
gedichtenblog terug online
tot en met 28.03-1918 geen nieuws overgeschreven uit NRC
verordeningen
affiches uit de collectie KOKW

Nr30 26 maart 1918

Verordening houdende regeling van het geldwezen van het Vlaams en het Waals bestuursgebied.

Art. 1, De geldmiddelen van het Vlaams en het Waals bestuursgebied worden met ingang van 1 januari 1918 afzonderlijk beheerd. Van af dien dag zal ieder der twee bestuursgebieden zijn staatsinkomsten zelfstandig heffen en beheren en ze gebruiken overeenkomstig de hiernavolgende bepalingen. Voor ieder der twee bestuursgebieden wordt van af 1 januari 1918 een afzonderlijke begroting opgemaakt. De van af dien dag ontstaande ontvangsten en uitgaven worden voor ieder bestuursgebied afzonderlijk geboekt en verrekend.

Art. 2. Onder wijziging van artikel 2 der verordening van 9 juni 1917, betreffende de vorming van twee ministeries van Financiën (Wet- en Verordeningsblad, bl. 3842), worden de werkzaamheden van het onder de leiding van het Vlaams ministerie van Financiën te Brussel staande Beheer der Schatkist (met inbegrip van de Consignatiekas en van den dienst der pensioenen) te rekenen van 1 januari 1918 tot het Vlaams bestuursgebied beperkt. Te rekenen van dezelfden dag wordt voor het Waals bestuursgebied een onder de leiding van het ministerie van Financiën van dat gebied staande Beheer der Schatkist voor genoemde diensten in het leven geroepen.

Art. 3. Het Vlaams en het Waals bestuursgebied blijven samen een tol- en handelsgebied uitmaken, omgeven van een gemeenschappelijke tolgrens. Al de voorwerpen, die in een der twee bestuursgebieden in vrij verkeer zijn, mogen in het ander bestuursgebied ingevoerd worden en mogen aldaar aan geen nieuwe staatsrechten onderworpen worden. Voor stukken, die in een der twee bestuursgebieden regelmatig aan het zegel- of registratierecht onderworpen zijn geweest, mag in het ander bestuursgebied geen nieuw zegel- of registratierecht geheven worden.

Art. 4. De wetgeving inzake het tolwezen, inzake de heffing van de accijnsrechten, met inbegrip der monopoliën, alsmede inzake de heffing van het zegelrecht en van het registratierecht, zal voor de twee bestuursgebieden gelijkvormig zijn. De bepalingen, naar luid waarvan een deel der opbrengst der tolrechten en der accijnsrechten aan het Gemeentefonds en aan het bijzonder Fonds toe te kennen is, alsmede de voorschriften op het beheer en de verdeling dier fondsen blijven ongewijzigd.

Art. 5. De gezamenlijke opbrengst, voortkomend van de tolrechten en van de andere in artikel 4 bedoelde rechten en belastingen, is, na aftrek van
1. de terugbetalingen voor niet verschuldigde heffingen,
2. de op grond van gemeenschappelijke overeenkomsten betaalde vergoedingen en verminderingen van belastingen,de stortingen in het Gemeentefonds en in het bijzonder Fonds Art. 4, lid 2),de kosten van heffing en beheer (Art. 6) bestemd ter bestrijding van de in de twee bestuursgebieden gedane uitgaven voor gemeenschappelijke noodwendigheden (Art. 7).

Art. 6. Als kosten ontstaan door de heffing en het beheer van de tolrechten, van de accijnsrechten, van het zegelrecht en van het registratierecht worden voor ieder der twee bestuursgebieden twaalf honderdsten der ruwe ontvangsten van ieder gebied aangerekend.

Art. 7. de uitgaven voor gemeenschappelijke noodwendigheden der twee hestuursgehieden geîden voorshands:

  1. de uitgaven, die tot dusver op gemeenschappelijke verplichtingen berustten, inzonderheid de uitgaven der Openbare Schuld, met inbegrip der uitgaven voor allerhande pensioenen, om het even of de pensioenen voor 1 januari 1918 of eerst na dien datum vastgesteld zijn, de staatstoelagen aan Pensioen-, Weduwen-, Wezen en Voorzienigheidskassen en aan andere inrichtingen, zolang dezer werkzaamheid de twee bestuursgehieden omvat, de uitgaven ter dekking van vorderingen tegen den Belgische Staat, bestaande voor 1 januari 1918, zover deze uitgaven niet bestreden worden door de ontvangsten voor 31 december 1917 gemaakt;
  2. de uitgaven voor overheden en diensten van den Staat, die, naar luid van de dienaangaande uitgevaardigde beschikkingen, voorlopig nog voor de twee bestuursgebieden gemeenschappelijk zijn; de uitgaven voor de weldadigheidsgestichten en gevangenissen van den Staat, met dien verstande, dat deze gestichten ook verder verplicht zijn desnoods ook personen uit het ander bestuursgebied op te nemen; zij mogen evenwel [onder wijziging van het voorgeschreven in artikel 2, lid 3, der verordening van 9 juni 1917 (W.en V., hl. 3839)] voorshands geen aanspraak maken op een vergoeding voor de daardoor ontstane kosten; de uitgaven voor de kosten van het Duits bestuur in België inzonderheid ook de bijdragen tot de kosten van het Duits Beheer van Posterijen en Telegrafen in België en van het Duits Beheer der Belgische Staatsspoorweg n;
  3. de uitgaven voor den gemeenschappelijke Afrekeningsdienst { Art. 10) en voor de toezichtsambtenaren {Art. 9), zover deze uitgaven niet reeds onder (No. 4 vallen; 6. de enige en de doorlopende uitgaven van anderen aard, zover dezer bestrijding uit de voor gemeenschappelijke noodwendigheden bestemde ontvangsten tussen de twee bestuursgebieden overeengekomen of door een bijzondere verordening toegelaten is.

Art. 8. Aan te rekenen op de uitgaven voor gemeenschappelijke noodwendigheden en van de daarvoor betaalde bedragen af te trekken zijn :

  1. de ontvangsten van de voor gemeenschappelijke rekening gevoerde diensten, inzonderheid de intresten en winstaandelen van de actiën en obligatiën van den Staat, het door de provincies en de gemeenten betaald aandeel in de rustgelden der gemeenteleraars en -onderwijzers, de ontvangsten van de weldadigheidsgestichten en gevangenissen ;
  2. de rechten op de winsten en op den bankbrievenomloop van de Nationale Bank van België en van de Societe Generale de Belgique” ;
  3. al de terugbetalingen op de uitgaven, die door gemeenschappelijke middelen gedekt zijn, inzonderheid de ontvangsten voorkomende van vervallen zijnde betalingsbevelen, die ter bestrijding van gemeenschappelijke noodwendigheden uitgegeven werden.

Art. 9. Over de naleving van de in artikel 4 bedoelde tol en belastingwetten, de nauwkeurige heffing van de in artikelen 4 en 8 genoemde ontvangsten en het beheer, in overeenstemming met het belang van het algemeen, van de in artikel 7 bedoelde uitgaven, wordt toezicht geoefend door bijzondere ambtenaren, die door den Generaal Gouverneur in ieder der twee bestuursgebieden aan het ministerie van Financiën en aan de provinciale Besturen der belastingen van het ander bestuursgebied toegevoegd worden. De bevoegdheid van deze ambtenaren wordt hij bijzonder dienstbevel geregeld. Deze toezichtsambtenaren zullen de door hen hij de ten uitvoerbrenging der tol- en belastingwetten, of hij de heffing der ontvangsten en de vereffening der uitgaven voor gemeenschappelijke rekening vastgestelde onregelmatigheden, zover in overleg met de in de eerste plaats betrokken overheden geen schikking kan getroffen worden, ter kennis brengen van den bestuurder der afdeling van Financiën (Leiter der Finanzahteilung) hij den Generaal Gouverneur in België, die zijn advies te geven en desnoods de beslissing van den Generaal Gouverneur in te roepen heeft. In afwachting van de vooralsnog voorbehouden benoeming der in het Iste lid bedoelde ambtenaren, wordt hun ambtsbediening waargenomen door ambtenaren, die te dien einde in het Vlaams bestuursgebied door het Hoofd van het burgerlijk bestuur voor Wallonië {Verwaltungschef fur Wallonien), in het Waals bestuursgebied door het Hoofd van het burgerlijk bestuur voor Vlaanderen {Verwaltungschef fur Flandem) afgevaardigd worden.

Art. 10. De twee bestuursgebieden zullen maandelijks over te gaan hebben tot de af rekening wat betreft de ontvangsten voortkomende van de tolrechten en van de andere in artikel 4 bedoelde rechten en belastingen, alsmede wat betreft de uitgaven wegens gemeenschappelijke noodwendigheden en de daarop in rekening te brengen ontvangsten. Het ministerie van Financiën van ieder bestuursgebied moet dien einde de nodige staten opmaken en dezelve, nadat ze door de toezichtsambtenaren (Art. 9) juist bevonden en als dusdanig verklaard zijn, ten laatste den 25n van de volgende maand doen toekomen aan een gemeenschappelijke Afrekeningsdienst, voor welken dienst ieder bestuursgebied een ambtenaar dient te benoemen.

De werkzaamheden van den Afrekeningsdienst worden voorlopig uitgeoefend door de Afdeling van Financiën bij den Generaal Gouverneur in België. In de staten zijn de ontvangsten alleen met de werkelijk geïnde bedragen te vermelden. Bedragen, die wel is waar vervallen zijn, doch waarvoor voorlopig uitstel is verleend of die anderszins achterstallig zijn gebleven, dienen eerst ter afrekening te worden opgenomen in den staat voor de maand, waarin de betaling werkelijk heeft plaats gehad. De uitgaven wegens gemeenschappelijke noodwendigheden zijn in de staten op te nemen met de bedragen, waarvan de betaling is bevolen. Een uitgave is te beschouwen als zijnde te betalen, van het ogenblik dat zij in de boeken van het Beheer der Schatkist van het bevoegd ministerie van Financiën is ingeschreven. Wordt een dusdanig betalingsbevel naderhand om een of andere reden weer ingetrokken, dan moet het bedrag van zulk betalingsbevel in de boeken van het Beheer der Schatkist van de uitgaven afgetrokken worden. De bedragen van vervallen belastingbevelen zijn als ontvangsten aan te tekenen.

Art. 11. De Afrekeningsdienst onderzoekt de staten en draagt de opbrengst er van over op een algemenen staat. Het overschot of het tekort voortspruitende uit de vergelijking van de op den algemenen staat overgedragen ontvangsten en uitgaven der twee bestuurgebieden, wordt per kop van de bevolking over het Vlaams en het Waals bestuursgebied verdeeld en wel, voorshands, naar de verhouding van 3 tot 2, Het bedrag, waarover de vastgestelde aandelen van de in de staten aangetekende werkelijke overschotten of tekorten verschillen, moet door het bestuursgebied dat een overschot boekt onmiddellijk bijbetaald worden ten voordele van het bestuur dat een tekort heeft Het bedrag der betaling dat voor de afgelopen maand door het een bestuursgebied aan het ander te storten is, wordt voorgoed vastgesteld door den Afrekeningsdienst. Waargenomen onnauwkeurigheden in de toegekende bedragen, worden in de volgende staten vereffend. Het ministerie van Financiën van ieder bestuursgebied ontvangt, als bewijsstuk voor de inschrijving in de boeken, een met de toezichtsvermelding van den Afrekeningsdienst bekleed afschrift der algemene staten.

Art. 12. De bedragen der betalingen, tot regeling der rekeningen gedaan, worden, overeenkomstig de posten der begroting, ingeschreven als uitgaven door het bestuursgebied dat de betaling heeft gedaan, als ontvangsten door het bestuursgebied ten voordele waarvan de betaling is geschied. De aandelen die van een algemeen overschot zouden voortkomen, worden gevoegd bij de middelen, bestemd ter bestrijding van de eigen noodwendigheden der bestuursgebieden ; de aandelen die van een algemeen tekort zouden voortkomen moeten gedekt worden door de middelen bestemd ter bestrijding van de eigen noodwendigheden der bestuursgebieden.

Art. 13. Het Vlaams ministerie van Financiën te Brussel blijft belast met de rekenplichtigheid over de ontvangsten en uitgaven van de begroting voor het diensfjaar 1917 en van de begrotingen voor vroegere dienstjaren. De bevoegdheid van de plaatselijke overheden inzake de heffing dezer ontvangsten en de vereffening dezer uitgaven wordt in genendele gewijzigd. Aangaande de ontvangsten en uitgaven na 31 december 1917 in het Waals bestuursgebied op rekening van vroegere begrotingen gedaan, moet er maandelijks tot een afrekening worden overgegaan tussen het Vlaams en het Waals bestuursgebied. In geval de ontvangsten de uitgaven overtreffen, zijn de overschotten aan de middelen van het Vlaams bestuursgebied toe te voegen ; in geval de, uitgaven de ontvangsten overtreffen, is het tekort uit de middelen van het Vlaams bestuursgebied aan te vullen. Het Vlaams ministerie van Financiën moet inzake de ontvangsten en uitgaven, die na 31 december 1917 op rekening van vroegere begrotingen in het Vlaams bestuursgebied gedaan zijn of van het Waals bestuursgebied overgenomen werden, maandelijks tot een afrekening overgaan met de Afdeling van Financiën. De geldvoorraden, die op het einde van 31 december 1917 in de kassen van het Vlaams en het Waals bestuursgebied voorhanden zijn, worden in de twee bestuursgebieden toegewezen voor de uitgaven op rekening van vroegere begrotingen.

Art. 14. Deze verordening treedt met terugwerkende kracht op 1 januari 1918 in werking. De Bestuurder der Afdeling van Financiën hij den Generaal Gouverneur in België zal, met het oog op de uitvoering der verordening, de nodige schikkingen uitvaardigen.

Brussel, den 24 januari 1918.

Affiche: 19180327 Controol mannelijke Belgen

25 maart 1918 maandag. Sint Niklaas

Geen nieuws.

zie ook Oorlogsdagboeken Rafael Waterschoot wereldoorlog 1914 1918
22.3.1918: 24.03.1918 tot en met 30.03.1918 Geen nieuws
gedichtenblog terug online
tot en met 28.03-1918 geen nieuws overgeschreven uit NRC
tot en met 24-03-1918 geen verordeningen

No. 29. – 25. maart 1918.

Beschikking houdende instelling van een leergang in de Nederlandse uitspraak. Gedurende het aanstaande Paasverlof wordt in de Rijksnormaalschool te Brussel een leergang in de beschaafde Nederlandse uitspraak gegeven voor de leraars en leraressen der Rijks- en aangenomen normaalscholen van het Generaal Gouvernement: De leerkrachten van aangenomen normaalscholen, die den leergang volgen, hebben recht of dezelfde reis- en verblijfkosten als de leden van het onderwijzend personeel der Rijksnormaalscholen.
Brussel, den 13 maart 1918,
No. 29. – 25. maart 1918.
Verordening.
Art. 1. Ten einde de regeling mogelijk te maken van schuldvorderingen, die betrekking hebben op het dienstjaar 1916 en op vroegere dienstjaren, worden rijkskredieten verleend ten gezamenlijke bedrage van vijfhonderd en zesduizend zevenhonderd zes en negentig frank (fr. 506. 796), welke in te lassen zijn in de begrotingen voor de eerste helft van het dienstjaar 1917, te weten :
A. Op de begroting van het ministerie van Wetenschappen en Kunsten onder artikel 5 (Reis- en Verblijfkosten) fr. 360 „ „ 13 (Koninklijke Academie van Wetenschappen, letteren en schone kunsten van België) „ 100 „ „ 29 {Beheerskosten der Universiteiten) „ 38.000 „ „ 44 {Normaalscholen van den middelbaren graad) „ Z.408 „ „ 46 (Examenjury” s van het middelhaar onderwijs : reiskosten, enz.) „ 3.000 „ „ 47 {Examenjury’ 8 van het middelhaar onderwijs : beheerskosten) „ 200 „ „ 69 {Toelagen voor het hoger onderwijs) „ 335.000 256 „ „ Tl (Aanvullende toelagen en buitengewone toelagen te verlenen in geheel bijzondere geschillen, bij toepassing van de organieke wet op het lager onderwijs. {Onbepaald krediet) „ 60.000 „ – 77 (Aandeel van den Staat in de kosten van het godsdienstonderwijs) „ 35 „ „ 78 (Dienst der bewaarscholen en kinderkribben) „ 45.492 „ „ 97 (Beheerskosten voor het museum van het Jubelpark) „ 3.300 „ „ 102 {Koninklijke Commissie voor de Monumenten, aanwezigheidspenningen, enz. ) 1 „ 5. 400 „ „ 103 {Id. Reiskosten, enz.) „ 1.000 „ „ 113& {Onderhoud der universiteten) . . „ 5.000
B. Op de begroting van het ministerie van Landbouw en Openbare Werken,
Tabel A {Diensten van Landbouw) onder
artikel 34 (Hogere raad der bossen) r. 272 „ „ 5
Onderhoud der Staatsbossen) . . „ 1.168 „ „ 48
Braakland en domeinbossen : Bebossing, gezondmaking, aanlegging van ruimingswegen) „ 5. 061
Art» 2, De in artikel 1 verleende aanvullende kredieten zijn door de gewone ontvangsten der begroting te dekken.
Art. 3. Deze verordening treedt den dag haar afkondiging in werking.

Brussel den 14 maart 1918.
No. 29. – 25. maart 1918.
Bekendmaking. ” Op grond mijner verordening van 19 Juli 1917, betreffende de Oogstkommissies {Ernte-Kommissionen), evenals der uitvoeringsbepalingen van 19 Juli 1917 tot deze verordening, heb ik, op voorstel der centrale Oogstkommissie {Zentral-Ernte-Kommission), de hoogste prijzen voor den verkoop van gedorst koren, meel, zemelen en brood voorshands als volgt vastgesteld :
voor tarwe (mengtarwe) uit stapelplaatss of molen geleverd frank 73.84 per 100 kgr,
– rogge {inlandsche) uit stapelploats of molen geleverd „ 38,20
masteluin uit stapelplaats of molen geleverd „ 40,49
ongepelde spelt uit stapelplaats of molen geleverd – 36,71
zemelen uit stapeljaats of molen geleverd „ 21,50
tarwemeel aan bakkers of verbruikers geleverd „ 82,73
roggemeel aan bakkers of verbruikers geleverd „ 45,99
masteluinmeel aan bakkers of verbruikers geleverd „ 48,35
tarwebrood aan verbruikers geleverd 0,69
Deze hoogste prijzen worden op 1 April 1918 van kracht. De provinciale Oogstkommissies {Provinzial-Ernte-Kommissionen) zijn bevoegd, voor de omschrijving van afzonderlijke gemeenten, op verzoek of na raadpleging van de burgemeesters, telkens een lageren hoogstenprijs voor brood, tot het bereiden waarvan roggemeel wordt gebruikt, vast te stellen.
Voor den verkoop van koren door de verbouwers aan het Nationaal Hulp- en Voedingskomiteit, blijven de hoogste prijzen, vastgesteld in de uitvoeringsbepalingen tot de verordening van 19 Juli 1917, betreffende de Oogstkommissies, van kracht. Brussel den 14n maart 1918
No. 29. – 25. maart 1918..
Beschikking. Ter vervanging van juffrouw Brabants, bestuurster van de Rijks middelbare meisjesschool te Lier, om gezondheidsredenen ontslagen van de deelneming aan de hij beschikking Illa, 1050 van 23 februari 1918 van den heer Generaal-Gouverneur ingestelde jury voor het afnemen der examens in de huishoudkunde, is benoemd tot lid van de jury mevrouw Steygers-Lotens, plaatsvervangende bestuurster van de Rijks middelbare meisjesschool te Laken.
Brussel, den 14 maart 1918.
No. 29. – 25. maart 1918.
Bekendmaking betreffende de liquidatie van Franse ondernemingen. Met toestemming van den heer Gouverneur Generaal in België, heb ik, overeenkomstig de verordeningen van 29 Augustus 1916 en van 15 April 1917, over de liquidaties van vijandelijke ondernemingen (Wet- en Verordeningsblad voor de bezette streken van België, nr 253 van 13 September 1916 en nr 335 van 19 April 1917), de liquidatie bevolen van het in België voorhanden zijnde vermogen van de firma Maison Erard de Paris, Blondel & Co., Suce, Manufacture de Pianos’, te Brussel. De heer luitenant Maas, Oude Kleerkoopersstraat 24, te Brussel, is tot liquidator benoemd. De liquidator verstrekt nadere inlichtingen.
Brussel, den 19 maart 1918.
affiches uit de collectie KOKW

19180326 Oprichting Duitse rechtbanken

24 maart 1918 zondag. Sint Niklaas

Geen nieuws.

zie ook Oorlogsdagboeken Rafael Waterschoot wereldoorlog 1914 1918
22.3.1918: 24.03.1918 tot en met 30.03.1918 Geen nieuws
gedichtenblog terug online
tot en met 28.03-1918 geen nieuws overgeschreven uit NRC
tot en met 24-03-1918 geen verordeningen

No. 29. – 25. maart 1918.
Bekendmaking. Bij verordening van 2 maart 1918 van den heer Generaal Gouverneur in België zijn benoemd:
a) met ingang van 1 februari 1918 tot bureeloverste bij het Hoofd beheer van Posterijen voor Vlaanderen, de heer H. J. M. Spoelbergh, klerk le klasse ;
b) met ingang van 1 januari 1918 tot hoofdklerk bij den dienst der Spaarkas van het Beheer van Posterijen en Telegrafen, de heer G. E Petitjean, klerk
c) met ingang van 1 oktober 1917 tot bureelonderoverste bij den Postcheckdienst, de heer O. I. I. Bebucq tot hoofdklerk, alle te Brussel.
Brussel, den 2 maart 1918.
No. 29. – 25. maart 1918.
Besluit. De Voorzitter van het Keizerlijk Duits Beheer van Posterijen en Telegrafen in België, die met de waarneming der rechten en verplichtingen van den Belgischen minister van Zeewezen, Posterijen en Telegrafen belast is, besluit:
Art 1. Met ingang van 14 januari 1918 is bij het Algemeen Sekretariaat van Zeewezen, Posterijen en Telegrafen te Brussel benoemd tot machineschrijfster juffrouw E. H. Beetemé, te Brussel.
Brussel, den 2 maart 1918.
No. 29. – 25. maart 1918.
Benoemingen door den heer Generaal Gouverneur gedaan. Zie Duits. Brussel, den 5 maart 1918.
Emennungen, die vom Hern Generalgouvemeur verf ûgt worden sind :
Namen Zum Datum
1 Meulemans, Arthur, Inspektor fur Musik in den staatlichen mittleren Unterrichtsanstalten und den staatlichen und ubernommenen niede 1917. ren Normalschulen. 13. 10. 459
2 Huysmana, J., Kreisschulinspektor 3. KL 6.12. 1820
3 Simeons, C., Kreisschulinspektor 3. KL 6. 12. 1824
4 Brabants, Fr., Inspektor des mittleren Untemchtes. 6. 12. 2406
5 De Paepe, Kreisschulinspektor 3. Kl. 13. 12. 4685
6 De Vreese, Direktor der Kôniglichen Bibliothek. 15. 12. 3013
7 Dendal, F. M. G., Biireauchef im Ministerium fur Wissenschaft und Kunst. 31. 12. 3004
8 Dr. Bertijn, Bureauchef im Ministerium fur Wissenschaft und Kunst. 31. 12. 3004
9 Wotquenne, Konservator an der Kônigchen Bibhothek in 1918.
Brussel, den 5. Màrz 1918.
affiches uit de collectie KOKW

postkaart Ieper de watertoren

 

23 maart 1918 zaterdag Sint Niklaas

Op straf van boet , zal er noch strooi, noch kaf, noch hooi als matrasvulsel mogen gebruikt worden, afficheeren de Duitschers.

zie ook Oorlogsdagboeken Rafael Waterschoot wereldoorlog 1914 1918
22.3.1918: 24.03.1918 tot en met 30.03.1918 Geen nieuws
gedichtenblog terug online
tot en met 28.03-1918 geen nieuws overgeschreven uit NRC
tot en met 24-03-1918 geen verordeningen
affiches uit de collectie KOKW

19180323 – Noyon door de Duitser genomen. 

No. 28. – 22. maart 1918.

Bekendmaking. Overeenkomstig artikel 7 der verordening van 27 maart 1916 van het Generaal Gouvernement, betreffende den verkoop van kunstmeststoffen, is de prijs voor in België af te zetten Rhenania-fosfaat te rekenen van 1 maart 1918 vastgesteld op 12,50 fr. in plaats van 10,90 fr, per 100 kg. los verzonden uit Obourg.

Brussel, den 4 maart 1918.
No. 28. – 22. maart 1918.

Verordening houdende verlening van de rechtspersoonlijkheid aan den stichtingsraad der Algemene Duitse School te Antwerpen.
Art. 1. De stichtingsraad der Algemene Duitse School te Antwerpen wordt met de rechten van een rechtspersoon bekleed.
Art. 2. Het Hoofd van het burgerlijk bestuur (Verwaltungschef) voor Vlaanderen is met de uitvoering van deze verordening belast,

Brussel den 9 maart 1918.
No. 28. – 22. maart 1918.
Verordening houdende toekenning een vergoeding voor verblijfkosten aan kantonnale schoolopzieners. Onder wijziging van het koninklijk besluit van 28 Mei 1912, verorden ik, met werking ingaande op 1 januari 1918, het navolgende:
Art. 1. Aan de opzieners van de schoolkantons Antwerpen-Noord, Antwerpen-Zuid, Brussel, Elsene, Gent Oost, Gent West, Sint-Joost-ten-Node en Sint-Gillis wordt een driemaandelijkse vergoeding voor verblijfkosten ten bedrage van 225 frank toegekend.
Art. 2. Het Hoofd van het burgerlijk bestuur (Verwaltungschef) voor Vlaanderen is met de uitvoering van deze verordening belast.
Brussel, den 9 maart 1918.
No. 28. – 22, maart 1918.
Bekendmaking betreffende de liquidatie van Franse ondernemingen. Met toestemming van den heer Generaal Gouverneur in België, heb ik, overeenkomstig de verordeningen van 29 augustus 1916 en van 15 April 1917, over de liquidaties van vijandelijke ondernemingen (Wet- en Verordeningsblad voor de bezette streken van België, Nr, 253 van 13 September 1916 en Nr 335 van 19 April 1917), de liquidatie bevolen van het in België voorhanden zijnde vermogen van de weduwe Niguet te Antwerpen haar industriële eigendommen). De heer Dr. Ochwadt, Meir 14, te Antwerpen, is tot liquidator benoemd. De likwidator verstrekt nadere inlichtingen.

Brussel, den 15 maart 1918.
No. 28. – 22. maart 1918.
Te rekenen van 11 maart 1918 blijven de burelen van het Grootboek der Openbare Schuld tot nader bericht gesloten.
Brussel 15 maart 1918,

19180319 Kolenverdeeling voor Vlaanderen 1

22 maart 1918 vrijdag. Sint Niklaas

Geen nieuws.
zie ook Oorlogsdagboeken Rafael Waterschoot wereldoorlog 1914 1918
24.03.1918 tot en met 30.03.1918 Geen nieuws
gedichtenblog terug online
nieuws overgeschreven uit NRC

19180322 – Péronne door de Duitser genomen.

verordeningen
affiches uit de collectie KOKW

No. 28. – 22. maart 1918.
Verordening ter bescherming van aandeelhouders van Belgische maatschappijen.
1. In geval houders van aandelen, alsook van genotsaandelen van maatschappijen, die haar zetel binnen het gebied van het Generaal Gouvernement in België hebben, de beschikking over hun titels, tegen hun wil, ten gevolge van maatregelen der met Duitsland in oorlog zijnde regeringen hebben verloren, kan de Generaal Kommissaris voor de banken {Generalkommissar fur die Banken) den bezitter op diens aanvraag een bewijsstuk afleveren, dat hem machtigt al de rechten te doen gelden, voor welker uitoefening hij deze aandelen of de daaraan gehechte winstaandeelkoepons of de vernieuwingsbladen zou moeten overleggen of inleveren. Dat bewijsstuk geeft inzonderheid het recht, van de maatschappij te verlangen, dat zij de tot dusver geldige titels aan toonder zou vervangen door titels op naam, in zover de omzetting van titels aan toonder in titels op naam wettelijk en door de statuten der maatschappij toegelaten is. De Generaal Kommissaris voor de banken bepaalt welke inlichtingen de steller ener aanvraag te doen heeft en welke bewijsstukken daarbij over te leggen zijn. Alvorens het bewijsstuk af te leveren, kan hij een waarborg verlangen, waarvan hij den aard en de voorwaarden der teruggave bepaalt, ]
2. Het bewijsstuk vervangt de aandelen alsook de genotsaandelen. Het kan desgewenst opgemaakt worden als gezamenlijk bewijs voor een zeker aantal aandelen. Het bevat de vermelding, dat de aandelen, die het vervangt, al de daaraan verbonden rechten hebben verloren. De prestaties der maatschappij krachtens het bewijsstuk gedaan, ontslagen haar tegenover iedere derden bezitter, onder voorbehoud der rechten die deze laatste ten laste van den aanvrager zou kunnen doen gelden. De bewijsstukken en de aandelen op naam overeenkomstig nr. 1 afgeleverd ter vervanging van de aandelen aan toonder of van de genotsaandelen, mogen gedurende 3 jaar, ingaande den dag der aflevering, alleen met de toelating van den Generaal Kommissaris voor de banken afgestaan worden, tenzij de aanvrager de aandelen, waarvoor het bewijsstuk afgeleverd is, aan de maatschappij teruggeeft.
3. Bij de aflevering van het bewijsstuk verbiedt de Generaal Kommissaris voor de banken terzelfder tijd de maatschappij om het even welke prestatie te doen ten voordele van den houder der aandelen, waarvoor het bewijsstuk opgemaakt is. De maatschappij is verplicht de aandelen of de daarbij behorende winst aandeelkoepons en vernieuwingsbladen, die haar zouden aangeboden worden, tegen kwijtschrift in te houden en er den Generaal Kommissaris voor de banken verslag over te doen. Dit verbod geldt niet voor de betaling van winstaandeelkoepons, die voor de uitvaardiging van het verbod vervallen waren.
4. De afgifte van een bewijsstuk wordt met nauwkeurige aanduiding van de aandelen, waarvoor het afgeleverd is en op kosten van den aanvrager, bekendgemaakt in het Wet en Verordeningsblad voor Vlaanderen en voor Wallonië. Deze bekendmaking zal tevens vermelden, dat op de betrokken aandelen geen rechten meer kunnen geldend gemaakt worden.
5. Indien een derde persoon den Generaal Kommissaris voor de banken de aandelen overlegt, waarvoor een bewijsstuk is afgeleverd, dient dit ter kennis van den aanvrager te worden gebracht. Kunnen deze derde persoon en de aanvrager het niet eens worden, dan stelt de Generaal Kommissaris voor de banken een termijn vast, binnen de welke de derde persoon een aanklacht moet indienen tegen den aanvrager. De Generaal Kommissaris voor de banken kan, nadat de klacht is ingediend, de maatschappij hevelen al de prestaties in geld, die krachtens het bewijsstuk te doen zijn. ten voordele van de winnende partij in bewaargeving te storten. Hij kan eveneens bevelen dat, zolang geen uitvoerbaar vonnis is geveld, het stemrecht, verleend door het afgeleverd bewijsstuk, niet mag uitgeoefend worden.
6. De Generaal Kommissaris voor de banken is gerechtigd, uitvoeringsbepalingen tot deze verordening uit te vaardigen,
Brussel, den 18 februari 1918,

Postkaart Ieper vismarkt