30 juni 1917 zaterdag Sint Niklaas

Er zijn noch niet nieuwe aardappelen te krijgen.
Erwten kosten 1,30 fr: de kgr.
Bloemkoolen 1,00: het stuk en dan moet men er nog met vrienden aangeraken, zoo raar is alles.
Nog altijd vele armoede onder ’t volk.

zie ook Oorlogsdagboeken Rafael Waterschoot wereldoorlog 1914 1918

nieuws door Raphael overgeschreven uit NRC
19170630 – Avion tegen Lens door de Engelsman genomen.
19170630 – De Fransche kleine kruiser Kleber loopt voor Brest op eene mijn en zinkt.

tot en met 30-6-1917 geen verordeningen
affiches controolvergadering uit de collectie KOKW Sint Niklaas

Advertenties

29 juni 1917 vrijdag. Sint Niklaas

Geen nieuws.

zie ook Oorlogsdagboeken Rafael Waterschoot wereldoorlog 1914 1918

tot en met 29-06-1917 geen nieuws  overgeschreven uit NRC

tot en met 01-07-1917 geen verordeningen

geen nieuwe affiches uit de collectie KOKW (ze komen er aan)

laatste afbeelding uit het boekje Verwoest Belgie met een foto van Dendermonde de vernielde Brusselse straat en ik kan dan niet vergeten dat een jaar later Vlamingen bereid waren om met de Duitsers te collaboreren …… mensen met een heel kort geheugen….

 

28 juni 1917 donderdag Sint Niklaas

Er was geene groenselmarkt bij gebrek aan hoveniers.

zie ook Oorlogsdagboeken Rafael Waterschoot wereldoorlog 1914 1918
tot en met 29-06-1917 geen nieuws overgeschreven uit NRC
verordeningen

No. 362. – 28. juni 1917.
VERORDENING *** betreffende de inbeslagneming en het gebruik van de gerst (zomer- en wintergerst), evenals van de moutkiemen uit het oogstjaar 1911, binnen het gebied van het Generalgouvernement.

Art. 1. De bij Verordening van 20 Juli 1915 ingerichte Gerstenzentrale blijft voortbestaan. Zij bestaat uit :
a) een lid van het burgerlijk bestuur (Zivilverwaltung) als voorzitter ;
b) een lid van het burgerlijk bestuur als ondervoorzitter ;
c) een lid van het Belgisch ministerie van Landbouw ;
d) eenlid van de Fédération générale des brasseurs belges’
e) een vertegenwoordiger van de Belgische gistfabrikanten ;
f) een vertegenwoordiger van de Belgische graanhandel een lid van den Hogere Landbouwraad.
De leden onder a en b worden door mij benoemd. De leden onder g tot g worden benoemd door het Hoofd van het burgerlijk bestuur {Verwaltungschef) ; deze laatsten zijn te allen tijde herroepelijk. De vertegenwoordigde lichamen van belanghebbenden mogen voorstellen indienen bij het Hoofd van het burgerlijk bestuur. De zittingen van de „Gerstenzentrale” worden door den voorzitter belegd.
De leden, met uitzondering van de vertegenwoordigers van het burgerlijk bestuur, ontvangen voor elken zitdag een vergoeding van 8 mark ieder en de terugbetaling van hun reiskosten. De „Gerstenzentrale” bezit de rechten van een rechtspersoon. Zij wordt vertegenwoordigd door haar voorzitter of zijn plaatsvervanger of door hun gevolmachtigde. De voorzitter of dezes plaatsvervanger heeft onbeperkte macht inzake de leiding van de werkzaamheden.

Art. 2. 1. De „Gerstenzentrale” is gemachtigd te beschikken over den ganse oogst aan zomer- en wintergerst van dit jaar binnen het gebied van het Generalgouvemement; deze oogst is hierbij in beslag genomen. De Gerstenzentrale koopt de niet tot zaaigerst bestemde gerst naar gelang van deugdelijkheid en bruikbaarheid, tegen ten hoogste 55 frank de 100 kilo gerst, vrij ter leveringsplaats, vermeerderd met 6 % intrest per jaar voor al de gerst die na 1 september 1917 aangekocht is. De „Gerstenzentrale” laat elken bezitter van een landbouwbedrijf 150 kilo zaaigerst van eigen voortbrengst en beste hoedanigheid per hektaar land dat, blijkens de oogsthoeken {art. 6 dezer Verordening), in 1917 met gerst was bezaaid. Deze hoeveelheid gerst blijft in beslag genomen, to op het ogenblik dat ze uitgezaaid wordt. De eigenaars van zaaigerst mogen hun zaaigerst onderling ruilen, wanneer zij daartoe de schriftelijke toelating hebben van de burgerlijke Kommissarissen (Zivilkommissare) bij de „Kreischejs’ Het toelatingsbewijs geldt als geleibrief bij het vervoer {zie art. 8).
II. Al de moutkiemen binnen het gebied van het Generaigouvernement worden hierbij in beslag genomen. De inbeslagneming omvat de versgewonnen moutkiemen zodra de kieming voltrokken is. De inbeslagneming is niet toepasselijk op moutkiemen, waarvan bewezen kan worden dat zij na 15 november 1916 uit het buitenland ingevoerd werden. De ,,Gerstenzentrale” koopt de moutkiemen, naar gelang dat deze stof en anderszins bruikbaar zijn, tegen ten hoogste 45 frank per 100 kilo op.

Art. 3. I. De „Gerstenzentrale verdeelt de door haar aangekochte gerst naar de volgende grondregels : ï) aan de gistfabrieken voor de bewezen behoefte, volgens een op te maken verdelingsrooster ;
2) voor het vervaardigen van gort, volgens een of) te maken verdelingsrooster ;
3) aan de brouwerijen volgens de aanwijzingen van het brouwerijtoezichtskantoor ;
4) voor het vervaardigen van brood. 10 % van de aangekochte gerst moet éditer vooraf door de ,,Gerstenzentrale” als voorraad worden ingehouden. De Gerstenzentrale” is gemachtigd kleinere hoeveelheden gerst vrij te geven voor andere dan de hiervoren bepaalde doeleinden inzonderheid voor economische en liefdadige doeleinden.
De „Gerstenzentrale” bepaalt haar verkoopprijzen naar goeddunken ; zij zal zoveel doenlijk haar verkoopprijzen maar om zoveel boven den aankoopprijs stellen, als dit tot het dekken van haar onkosten nodig schijnt. Mocht er een winstoverschot zijn, zoo zal dit, overeenkomstig nadere bepalingen van den Generaalgouverneur, voor liefdadige doeleinden over de verschillende provincies verdeeld worden en wel in verhouding tot de door elke provincie geleverde hoeveelheid gerst. De afnemers leveren de nodige zakken voor de door hen gekochte gerst.
II. De „Gerstenzentrale” verkoopt de door haar gekochte moutkiemen, aan de door haar aangeduide gistfabrikanten, uitsluitend volgens een door haar vastgestelde verdelingsrooster, tot het vervaardigen van gist door middel van luchtgisting. Zij verhoogt den verkoopprijs zodanig, dot ze haar bedrijfsonkosten kan dekken. Mocht er een winstoverschot zijn, zoo zal dit, na de ontbinding der „Gerstenzentrale” en de volledige afhandeling der werkzaamheden, voor liefdadige doeleinden over de provincies verdeeld worden, en wel in verhouding tot de door elke provincie geleverde hoeveelheid moutkiemen.

Art. 4. De Voorzitter van het burgerlijk bestuur in de verschillende provincies of dezes plaatsvervanger is gehouden
1. de provincie in gerstkantons in te delen ;
2. de gerstkommissionarissen te benoemen (art. 7) ;
3. voor de provincie bepaalde dors termijnen voor den gerstoogst vast te stellen. De uit deze werkzaamheid voortvloeiende onkosten komen ten laste der „Gerstenzentrale’

Art. 5. De burgerlijke Kommissarissen bij de Kreichefs’ zijn belast met het toezicht over de gerstcommissionarissen over de gerststapels, over het gebruik van de zaaigerst in de kantons en over het inachtnemen der dorstermijnen. Zij hebben ook te zorgen voor een regelmatige oogstboekhouding door de gemeenten en moeten desgevallend, op aanwijzing der ,Gerstenzentrale’ een oogstboek doen houden op kosten der in gebreke zijnde gemeente. De uit deze werkzaamheid voortvloeiende onkosten vallen ten laste der Gerstenzentrale”.

Art. 6. Elke gemeente moet een oogstboek naar het door de „Gerstenzentrale” voorgeschreven model houden en zich de vereiste gegevens voor een regelmatige oogstboekhouding aanschaffen. Zij draagt zorg voor de bewaring van dit oogstboek, Het oogstboek moet volgende aanduidingen bevatten :
1) de namen der gerstvoortbrengers ;
2) de oppervlakte van het met gerst bezaaide land ;
3) de schatting van den gerstoogst;
4) de opbrengst aan gedorste gerst ;
5) aantekening over de afzonderlijke verkopen en vervoeren van gerst.
Door het feit van inschrijven van de opbrengst aan gedorste gerst in het oogstboek, is de in de afzonderlijke bedrijven voorhanden zijnde gerst bij de Gerstenzentrale kosteloos tegen brandschade verzekerd. De door brand veroorzaakte schade wordt vergoed tot het bedrag van 80 % der waarde van de verbrande of door het vuur onbruikbaar geworden of in waarde verminderde gerst, zover de schade niet reeds anderszins door verzekering gedekt is. Voor brandschade die door eigen schuld van den eigenaar werd veroorzaakt of die met krijgshandelingen samenhangt, wordt geen schadevergoeding toegestaan. De ,Gerstenzentrale’ de Voorzitters van het burgerlijk bestuur, de burgerlijke Kommissarissen hij de „Kreischefs” of dezer plaatsvervangers hebben het recht inzage van de oogstboeken te nemen.

Art, 7. De gerstkommissionarissen zijn belast met :
1) het toezicht over het schatten en vaststellen van de oogstopbrengst aan gerst hij de afzonderlijke bezitters van landbouwbedrijven;
2) het vaststellen van de waarde en het gewicht van de af te nemen van stalen;
4) het bewaken van het gerstvervoer ;
5) het uitvoeren van de bijzondere opdrachten der „Gerstenzentrale’ der Voorzitters van het burgerlijk bestuur en der burgerlijke Kommissarissen bij de „Kreischefs’
De gerstkommissionaris ontvangt vanwege de ,Gerstenzentrale een vergoeding van 50 centiem voor elke 100 kilo door zijn tussenkomst aangekochte gerst, die hij op de hem aangewezen plaats aflevert. In geval van bijzonder grote of bijzonder vruchtdragende werkzaamheid, kan de Gerstenzentrale” hem naar goeddunken een bijzondere toelage toekennen.

Art. 8. Ongedorste of gedorste gerst, afval van gerst evenals moût en moutkiemen mogen alleen met een geleibrief vervoerd worden. De geleibrieven worden door de Gerstenzentrale ‘ afgeleverd. 27 Deze bepaling is ook toepasselijk op gerst, mout of moutkiemerij die niet binnen het gebied van het Generalgouvernement verbouwd of vervaardigd zijn, doch in dit gebied ingevoerd worden, Geleibrieven zijn niet vereist voor : het vervoer van ongedorste gerst van het veld naar de bewaarplaats ; het vervoer van ongedorste gerst van de bewaarplaats naar de dorsmachine ; het vervoer van gedorste gerst van de dorsmachine naar de bewaarplaats.

Art. 9. I. Elke bezitter van een landbouwbedrijf, waar in den loop van het kalenderjaar 1917 gerst werd verbouwd is verplicht :
a) al de gerst van zijn oogst met uitzondering van de onder artikel 2 vermelde zaaigerst, aan de „Gerstenzentrale” tegen betaling af te staan ;
b) al de maatregelen te nemen die tot het behoud der voorhanden stapels nodig zijn, en de vastgestelde dorstermijnen na te komen. Zoo de bezitter de maatregelen niet neemt, die tot het behoud der stapels nodig zijn, qf zoo hij de vastgestelde dorstermijnen niet nakomt kan de „Kreischef’* deze maatregelen op de kosten van den bezitter door een derde laten nemen ;
c) aan de gemeente, alsook aan de ,Gerstenzentrale en hun lasthebbers de nodige aangiften naar waarheid te verstrekken met het oog op de schatting van den gerstoogst, en het volledig bedrag der door hem gedorste gerst, onmiddellijk na het dorsen, ter aantekening in het oogstboek bij de gemeente aan te geven ;
d) den gerstkommissionaris of elke anderen lasthebber van de „Gerstenzentrale” toegang te verlenen tot alle plaatsen van zijn bedrijf, opdat deze zich van zijn taak kunnen kwijten ;
e) den gerstkommissionaris of elke anderen lasthebber van de „Gerstenzentrale” zijn zakenboeken over te leggen en hem de bewijzen te leveren waar de in zijn bedrijf verbouwde gerst gebleven is ;
i) desverlangd, de gerst op tijd naar de aangewezen spoorweg-  of scheepsstatie, of bij den aangeduide afnemer of naar het aangewezen gerstmagazijn te brengen en te laden, Bedraagt de af te leggen weg daarheen meer dan 15 kilometer, zoo wordt de verdere afstand tegen den gewone plaatselijke vervoerprijs vergoed.
II, Elke bezitter of voortbrenger van moutkiemen is verplicht
a) bij de ,,Gerstenzentrale” zijn voorhanden stapels moutkiemen aan te geven en dezelve aan de Gerstenzentrale*’ tegen betaling af te staan ;
b) alle maatregelen te nemen, die tot het behoud der voorhanden moutkiemen nodig zijn ;
c) aan de lasthebbers van de „Gerstenzentrale” toegang te verlenen tot alle plaatsen van zijn bedrijf, opdat deze zich van hun taak kunnen kwijten;
d) aan de lasthebbers van de „GerstenzentraW zijn zakenboeken over te leggen en hun de bewijzen te leveren, waar de in zijn bedrijf voortgebrachte moutkiemen gebleven zijn e) desverlangd, de moutkiemen op tijd volgens opdracht aan de door de Gerstenzentrale” aan te duiden afnemers te leveren ;
f) voor elke 100 kilo gerst, die hem afgeleverd werd, ten minste 2 kilo goede, gezonde moutkiemen voort te brengen.

Art, 10. Het is verboden :
a) de gerst op den halm af te maaien en tot groenvoeder te gebruiken ;
b) met gerst bezaaide stukken land om te ploegen ;
c) in beslag genomen gerst of moutkiemen onbevoegd te verbergen, of ze onbevoegd te verwijderen uit de gemeente waarin zij in beslag genomen zijn, ze te beschadigen, te vernietigen, onbevoegd te verwerken of te verbruiken ; inzonderheid ongedorste, gedorste gegrutte of gemalen gerst en ook zaaigerst te vervoederen ;
d) in beslag genomen gerst en moutkiemen onbevoegd te verkopen, te kopen of op elke andere wijze van de hand te doen of aan te schaffen, inzonderheid ze als loonsvergoeding aan aangestelden en werklieden af te staan. De burgerlijke Kommissaris bij den Kreischef kan in bijzondere omstandigheden uitzonderingen op het verbod onder a en b toestaan.

Art. 11. De toegang tot de fabricatieplaatsen mag aan de lasthebbers van de „Gerstenzentrale aan de Voorzitters van het burgerlijk bestuur en aan de burgerlijke Kommissarissen bij de „Kreischefs” niet ontzegd worden. Zij die gerechtigd zijn gerst in ontvangst te nemen mogen, met uitzondering van afval van gerst, geen gerst voortverkopen. De bevoegdheid van het brouwerij toezichtskantoor, om grondstoffen van de ene brouwerij aan de andere toe te wijzen (art. II der Verordening van 21 maart 1916), blijft hierdoor onaangeroerd.
Legt een brouwerij of een gistfabriek haar bedrijf stil voor 1 Augustus 1917 zo moet de bij het stilleggen van het bedrijf voorhanden gerst aan de „Gerstenzentrale” worden teruggegeven. In dit geval zal deze aan den eigenaar in ’t algemeen den koopprijs betalen, dien zijn bedrijf aan de Gerstenzentrale betaald heeft, vermeerderd met een intrest van 6 %, berekend van den dag waarop de eerste koopsom werd gestort. Is de gerst in waarde verminderd, dan moet bij de vaststelling van de overnamevergoeding daarmede rekening worden gehouden.

Art. 12. Als hoogste prijs voor den verkoop van de bijproducten der brouwerij- en mouterijbedrijven zijn bepaald:
voor afvalgerst : 20 frank per 100 kg., in de brouwerij of mouterij genomen ;
voor mouterijresten : 7- frank per 100 kg. droog gewicht der veraccijnsde, voor de bierbrouwerij benuttigde grondstof (farines), in de brouwerij genomen. Deze hoogste prijzen mogen niet overschreden worden.

Art. 13. De „Gerstenzentrale” verkoopt de door haar uit het buitenland ingevoerde gerst en het door haar ingevoerd brouwmout, overeenkomstig den onder artikel 3 bepaalden verdelingsrooster, aan hen die gerechtigd zijn deze voortbrengselen in ontvangst te nemen.

Art. 14, alle betwistingen ontstaan :
1) tussen de „Gerstenzentrale” en derde personen,
2) tussen de „Gerstenzentrale” en haar lasthebbers, worden door een te Brussel zetelend scheidsgerecht beslecht.
Artikelen 1005 tot 1028 van het Belgisch wetboek van burgerlijke rechtspleging zijn op dit scheidsgerecht niet toepasselijk.
Het scheidsgerecht bestaat uit :
a) een voorzitter, benoemd door het Hoofd van het burgerlijk bestuur ;
b) een lid, verkozen door de Fédération générale des brasseurs belges*’ ;
c) een lid, aangewezen door den Hogeren Landbouwraad
Voor elk lid is een plaatsvervanger aangeduid. Het staat het scheidsgerecht vrij, deskundigen en getuigen te horen. Het regelt zijn rechtspleging zelf. Van de gerst of de moutkiemen, die het voorwerp der betwisting uitmaken, moet een verzegeld staal overgelegd worden, tot het vaststellen van de hoedanigheid en den vochtigheidsgraad. Elk staal moet ten minste 1 kilogram wegen. Het scheidsgerecht bepaalt naar vrije schatting de kosten der rechtspleging de partijkosten inbegrepen. De voorzitter stelt de vergoeding vast, die de leden van het scheidsgerecht en de deskundigen voor hun ambtsverrichtingen toekomt evenals de schadeloosstelling waarop de getuigen recht hebben voor tijdverlet en reiskosten. De uitspraken van het scheidsgerecht zijn zonder beroep. De voorzitter verklaart het vonnis van het scheidsgerecht uitvoerhaar, Het vonnis is krachtens het voorschrift van uitvoerbaarheid uit te voeren.

Art. 15. Overtredingen van de artikelen 8, 9, 10, 11 en 12 worden met ten hoogste 1 jaar gevangenis of met ten hoogste 8000 mark boete gestraft; ook kunnen beide straffen tegelijk uitgesproken worden. In geval van overtreding van artikel 8 en artikel 10, litt. c en d, kan, naast de hiervoren voorziene straffen, de verbeurdverklaring van de gerst en van de moutkiemen ten bate der ,Gerstenzentrale”, evenals de verbeurdverklaring van de overeengekomen prijswaarde uitgesproken worden. Ook de poging tot overtreding van artikel 10, litt. c end, van deze Verordening is strafbaar.

Art. 16. Wordt een overtreding van artikelen 8 en 10, litt. c en d, door een gerstkommissionaris begaan, zo moet ten hoogste 5 jaar gevangenis en ten hoogste 16.000 mark boete worden uitgesproken. Gerstkommissionarissen die, bij het bewaken van de oogst vaststelling, willens en wetens de opbrengst van de gedorste gerst onjuist optekenen of die, bij het vaststellen van prijs en gewicht van de gerst of bij het nemen van stalen, willens en wetens valse aangiften doen, ondergaan dezelfde straf.

Art. 17. De Duitse krijgsrechtbanken en krijgsbevelhebbers zijn tot oordeelvellen bevoegd.

Art. 18. De „Gerstenzentrale” zal zo nodig met het oog op de uitvoering van deze Verordening uitvoeringsbepalingen uitvaardigen.
Brussel 16 juni 1917,
No. 362. – 28. juni 1917.
Verordening *** betreffende de inbeslagneming en benuttiging van suikerijwortels (cichorei) De suikerijwortels uit den oogst van 191711918, binnen het gebied van het Generalgouvernement gewonnen, met inbegrip van die welke voor de witloofteelt hebben gediend, zijn hierbij in beslag genomen.

Art. 2. Het is verboden aan de in beslag genomen wortels wijzigingen toe te brengen toe te brengen of er bij overeenkomst of verdrag over te beschikken. Dergelijke overeenkomsten of verdragen zijn ongeldig. Het vervoederen of branden van de wortels is verboden, Het hoofd van het burgerlijk bestuur (Verwaltungschef) bij den General-gouverneur in België kan, op aanvraag, uitzonderingen toelaten op het verbod, suikerijwortels te vervoederen.

Art. 3. De Suikerijafdeling (Zichorienabteilung) van de „Zentral’EinkaufS’Gesellschafft fur Belgien m. 6. H. te Brussel is belast met de benuttiging der Suikerijwortels.

Art. 4. Elke bezitter van suikerijwortels is verplicht, zijn voorraden tegen gereed geld af te leveren aan de Suikerijafdeling van de „Zentral-Einkaufs-Gesellschaft’ of aan de door haar aangeduide personen, die dan hun hoedanigheid van lasthebbers moeten bewijzen. De verkoop aan andere personen is verboden. Wie suikerijwortels verkoopt is verplicht, zich te vergewissen dat de koper de nodige volmacht heeft, en zich het voorgeschreven bewijs {le lia) te doen overleggen. Wordt de levering van de suikerijwortels aan de lasthebbers van de Suikerijafdeling van de „Zentral-Einkaufs- Gesellschajf geweigerd, zoo kan de „Kreischef* op voorstel van de „Z. E, (7.” bevelen, dat de voorraden onteigend worden tegen een prijs die 20 % minder bedraagt dan de onder artikel 5 voorziene koopprijs ; desnoods wordt daarbij de tussenkomst van de gewapende macht ingeroepen.

Art. 5. De koopprijs van de gedroogde suikerijwortels hangt af van hun hoedanigheid en bruikbaarheid. De Suikerijafdeling van de „Z. E. G.” stelt den prijs vast en wel in dier voege dat voor 100 kgr. beste gedroogde suikerij wortels, ter vertrekstatie geleverd, ten hoogste 30 frank mogen worden berekend. De betaling geschiedt met gereed geld.

Art. 6. Het vervoer van de suikerijwortels binnen België per spoorweg, per schip of per as is alleen toegelaten op grond van een vrachtbrief, van een konnossement of van een geleibrief voor het vervoer per as, afgeleverd door de suikerijafdeling der „ZentralEinkaujs-Gesellschaft’ en voorzien van den stempel van het Hoofd van het burgerlijk bestuur bij den Generalgouverneur.

Art. 7. Artikelen 1—6 zijn toepasselijk op al de suikerijwortels uit vroegere oogstjaren.

Art, 8. Overtredingen van artikelen 2, 3 4, 6 en 6 worden met ten hoogste 5 jaar gevangenis of met ten hoogste 20.000 mark boete gestraft. Ook kunnen boete en gevangenisstraf tegelijk worden uitgesproken. Bovendien kan de verbeurdverklaring van de waar die het voorwerp van de overtreding uitmaakt, uitgesproken worden. De Duitse krijgsrechtbanken en krijgsbevelhebbers zijn tot oordeelvellen bevoegd .

Art. 9. Het Hoofd van het burgerlijk bestuur bij den Generalgouverneur is belast met de uitvoering van deze Verordening.

Art 10. De Verordening van 14 juni 1916 betreffende de inbeslagneming en benuttiging van suikerijwortels 2407 (cichorei) (Wet- en Verordeningsblad, wordt van kracht te zijn.
Brussel 16 juni 1917,
No. 362. – 28. juni 1917.
Verordening houdende aanvulling van de Verordening van 29 juni 1916, betreffende liet hernemen van den dienst der postchecks en postoverschrijvingen.
Het keizerlijk Duits beheer van Posterijen en Telegrafen in België is gemachtigd den dienst van de postchecks en postoverschrijvingen, zoals die overeenkomstig de Verordeningen van 29 juni 1916 voor het gebied van het Generalgouvernement bestaat, uit te breiden op het verkeer met de Duitse overheden in de tot het Etappengebied behorende gedeelten van België, echter met de afdelingen die voor den postdienst in het Etappengebied nodig zijn.
Brussel 19 juni 1917
No. 362. – 28. juni 1917.
Verordening
betreffende de aanstelling van toezichters voor ondernemingen van onderdanen van het vijandelijk buitenland. Aan cijfer I van de Verordening van 26 november 1914 {Wet- en Verordeningsblad, Nr. 16y hl. 49) wordt het navolgende toegevoegd :
3) In de bezette delen van België voorhanden zijnde ondernemingen of . succursales van ondernemingen, die in België hetzij een nijverheidsbedrijf onderhouden, hetzij warenhandel of verzekeringszaken drijven, alsook vermogenswaarden van om het even welke soort, kunnen eveneens onder toezicht geplaatst worden, bijaldien deze maatregelen een openbaar belang van het Duitse Rijk of van de bezette gedeelten van België dienen,
Brussel den 23 juni 1917.
No. 362. – 28. juni 1917.
Verordening
betreffende het overdragen van verdere bevoegdheden, die den Komnissaris-Generaal voor de banken in België (Generalkommissar fur die Banken in Belgien) krachtens de Verordeningen van 16 november 1914 en van n februari 1915 toegekend zijn, op het Hoofd van het burgerlijk bestuur (Verwaltungschef) bij den Generalgouverneur in België. De Verordening van 26 augustus 1915 {Wet en Verordeningsblad voor de bezette streken van België Nr.ll2, bl. 956) is in dier voege uitgebreid, dat de bevoegdheden, die den Kommissaris-Generaal voor de banken in België krachtens de Verordeningen van 26 november 1914 en 17 februari 1915 (Wet- en Verordeningsblad voor de bezette streken van België, bl. 49 en 178) toegekend zijn ook voor onroerende goederen op het Hoofd van het burgerlijk bestuur hij den Generalgouverneur in België overgedragen worden.
Brussel 23 juni 1917.
geen nieuwe affiches uit de collectie KOKW

uit verwoest België Dendermonde

25 juni 1917 maandag Sint Niklaas

Niets te melden.

zie ook Oorlogsdagboeken Rafael Waterschoot wereldoorlog 1914 1918
tot en met 29-06-1917 geen nieuws overgeschreven uit NRC
tot en met 27-6-1917 geen verordeningen
geen nieuwe affiches uit de collectie KOKW

No. 361. – 25. juni 1917.
Beschikking.
Ministerie van Wetenschappen en Kunsten. (Voor het Vlaamse Bestuursgebied). Beheer van het hoger o n d e r w ij s, de wetenschappen en de letteren.
Aan de Universiteit te Gent toegevoegde school voor burgerlijke bouwkunde, kunsten en fabriekswezen. — Benoeming der jury’s, belast met het afnemen der examens en voorbereidende proeven tot het verwerven der wettelijke en academische graden in het jaar 1917. Gezien het Koninklijk organiek besluit, rakende de aan de Universiteit te Gent toegevoegde scholen voor burgerlijke bouwkunde, kunsten en fabriekswezen, Gezien het organiek reglement dezer scholen en inzonderheid de artikelen 12 tot 14, Op voorstel van den heer Curator (beheerder-opziener) der Universiteit te Gent, bestuurder der technische scholen, wordt besloten:

Art. 1. De jury’s gelast, in het jaar 1917, over te gaan in de aan de Universiteit te Gent toegevoegde school voor burgerlijke bouwkunde, kunsten en fabriekswezen, tot het afnemen van de proef voorbereidende tot den wettelijke graad van kandidaat-ingenieur, van het toegangsexamen voor den academische graad, tot het afnemen van de wettelijke examens van kandidaat-ingenieur, en van de academische examens in de afdeling der burgerlijke bouwkunde, kunsten en fabriekswezen, zijn samengesteld aïs volgt:
1) Voorbereidende proef tot den wettelijke graad van kandidaat-ingenieur en toegangsexamen tot den academische graad.
De heren :
Haerens, bestuurder van de aan de Universiteit te Gent
toegevoegde technische scholen, professor, voorzitter,
Brûlez, professor aan de Universiteit te Gent,
De Vreese, professor aan de Universiteit te Gent,
Menzerath, professor aan de Universiteit te Gent,
Voïlgraff, professor aan de Universiteit te Gent,
Vlamynck, docent aan de Universiteit te Gent,
2) Wettelijke graad van kandidaat-ingenieur.
Eerste proef.
De heren :
Haerens, bestuurder van de aan de Universiteit te Gent
toegevoegde technische scholen, professor, voorzitter.
Brûlez, professor aan de Universiteit te Gent,
Meerty professor aan de Universiteit te Gent,
Valeton, professor aan de Universiteit te Gent
Vollgraff, professor aan de Universiteit te Gent,
Minnaerty docent aan de Universiteit te Gent,
Tweede proef,
De heren :
Haerens, bestuurder van de aan de Universiteit te Gent
toegevoegde technische scholen, professor, voorzitter.
Brûlez, professor aan de Universiteit te Gent,
Valeton, professor aan de Universiteit te Gent,
Volgraff, professor aan de Universiteit te Gent, ,
Minnaert, docent aan de Universiteit te Gent,
3) Academische graad van candidaat-ingenieur.
Eerste proef.
De heren:
Haerens. bestuurder van de aan de Universiteit te Gent]
toegevoegde technische scholen, professor, voorzitter, !
Brûlez, professor aan de Universiteit te Gent,
Fornier, professor aan de Universiteit te Gent,
Meert, professor aan de Universiteit te Gent,
Valeton, professor aan de Universiteit te Gent, ‘:
Vollgraff, professor aan de Universiteit te Gent,
Minnaert, docent aan de Universiteit te Gent, .

Art. 2. Elke jury zal, in haar midden, eenen secretaris benoemen.

Art. 3. Ingeval een jurylid verhinderd is, zal de heer Curator der Universiteit te Gent, bestuurder der technische scholen, in diens vervanging voorzien.

Art. 4. De datums der verschillende hogervermelde examens, alsmede de datums voor de inschrijvingen tot de examens, zijn bepaald zoals volgt :
1) Proef voorbereidende tot den wettelijke graad van kandidaat-ingenieur en toegangsexamen tot den academische graad.
De eerste zittijd zal op Woensdag 1 Augustus, de tweede op Maandag 1 oktober aanstaande. te 9 uur, in het gebouw der technische scholen (Plateaustraat, te Gent) worden geopend.
De inschrijvingen worden tot 30 Juli voor den eersten zittijd, tot 29 september voor den tweeden zittijd, in gemeld gebouw der technische scholen {Plateaustraat, te Gent) aanvaard.
2) Examens tot den wettelijke graad van kandidaat- ingenieur.
Eerste en tweede proef
De eerste zittijd zal geopend worden op Maandag 16 Juli, de tweede op Maandag 1 Oktober aanstaande, te 9 uur, in het gebouw der technische scholen {Plateaustraat, te Gent).
De inschrijvingen worden tot 15 juni voor den eersten zittijd, lot 15 september voor den tweeden zittijd, op het secretariaat der Universiteit hogeschoolgebouw Lange meire te Gent aanvaard.
3) Examens tot den academische graad in de afdeling der burgerlijke bouwkunde, kunsten en fabriekswezen.
Eerste proef.
De eerste zittijd zal geopend worden op Maandag 16 Juli, de tweede op Maandag 1 oktober aanstaande, te 9 uur, in het gebouw der technische scholen {Plateaustraat, te Gent). j
De inschrijvingen worden aldaar tot 14 Juli voor den eersten zittijd, tot 29 september voor den tweeden zittijd, aanvaard.

Art. 5» De heer Kurator der Universiteit te Gent, bestuurder der technische scholerif is belast met de uitvoe- i ring van deze beschikking die in het Wet- en Verordeningsblad zal verschijnen.

Brussel den 20 juni 1917.

Afbeelding uit verwoest België aw sijthoffs uitgevers maatschappij Belgie nr2   Haelen de brug die door de Belgen werd opgeblazen

23 juni 1917 zaterdag. Sint Niklaas

Niets nieuws.

zie ook Oorlogsdagboeken Rafael Waterschoot wereldoorlog 1914 1918

tot en met 29-06-1917 geen nieuws  overgeschreven uit NRC

verordeningen

No. 360. – 23. juni 1917.
Bekendmaking.
De in artikel 34 van de wet van » t 7- tot- bedoelde 3 Jun 1891 middenjury’s zullen nog zitting houden in den loop van de maanden Juli en oktober 1917,
Kandidaten, die bedoelde examens wensen af te leggen, moeten hun aanvraag indienen hij den Voorzitter van het betrokken burgerlijk bestuur (President der Zivilverwaltung) , van 20 tot en met 30 juni a.s. voor de zitting van de maand juli, en van 20 september tot en met 1 oktober a.s. voor de zitting van de maand oktober.
Het ministerie van Wetenschappen en Kunsten en de Voorzitters van het burgerlijk bestuur verstrekken nadere inlichtingen, wat betreft de bewijsstukken, die vereist
zijn om tot de examens te worden toegelaten.
Brussel 15 juni 1917.
No. 360. – 23. juni 1917.
Bekendmaking
betreffende de liquidatie van Franse onderneming. Met toestemming van den heer Generalgouvemeur in België, heb ik, overeenkomstig de Verordeningen van 29 Augustus 1916 en van 15 april 1917 over de liquidatie van vijandelijke ondernemingen, de liquidatie bevolen van het in België voorhanden zijnde vermogen van den Fransman E. Léféber bezitter van het Grande Maison de Blanc te Brussel.
De heer J. W elker, Krijgsschool te Brussel, is tot likwidator henoemd. De likwidator verstrekt nadere inlichtingen.
Brussel 14 juni 1917

geen nieuwe affiches uit de collectie KOKW (maar ben er mee bezig)

uit het geïllustreerd oorlogsalbum 2 verwoest oost België Mechelen interieur sint Rombouts

22 juni 1917 vrijdag Sint Niklaas

Geen nieuws.

zie ook Oorlogsdagboeken Rafael Waterschoot wereldoorlog 1914 1918
tot en met 29-06-1917 geen nieuws overgeschreven uit NRC
tot en met 22-6-1917 geen verordeningen
geen nieuwe affiches uit de collectie KOKW

afbeelding uit verwoest België Mechelen Grote markt oud gemeentehuis sint Rombouts

21 juni 1917 donderdag Sint Niklaas

De zomer begint vandaag; goed herfst gehad. (moest zijn lente).
Om opkoopingen te vermijden mag de groenselmarkt enkel om 7 1/2 uur torenuur beginnen.
Het Commiteit stelde de prijzen als volgt.
Bloemkoolen 0,50fr: ’t stuk;
Erwten 0,50fr: de kgr
Kersen 0,50fr: de kgr
Vele hovenier verschenen niet ter markt en verkochten thuis uit aan gemiddeld:
Bloemkoolen 1,00fr: ’t stuk
Erwten 1,00fr: de kgr
Kersen 1,00fr: de kgr
Anderen laten de erwten verdroogen om er van de winter grof geld van te maken.

zie ook Oorlogsdagboeken Rafael Waterschoot wereldoorlog 1914 1918
tot en met 29-06-1917 geen nieuws overgeschreven uit NRC
tot en met 22-6-1917 geen verordeningen
geen nieuwe affiches uit de collectie KOKW

uit verwoest België portaal van sint Rombouts Mechelen